Programma 4 Dienstverlening en Besturen
Bestuur | bedragen x € 1.000 | |||
Primitieve begroting | Begroting na wijziging | Realisatie | ||
Taakveld | 2021 | 2021 | 2021 | |
Lasten | ||||
0.1 | Bestuur | 2.537 | 2.560 | 2.139 |
0.2 | Burgerzaken | 1.085 | 1.289 | 1.295 |
Totale lasten | 3.622 | 3.849 | 3.434 | |
Baten | ||||
0.1 | Bestuur | - | - | 149 |
0.2 | Burgerzaken | 466 | 506 | 585 |
Totale Baten | 466 | 506 | 735 | |
Saldo (baten - lasten) | -3.156 | -3.343 | -2.700 | |
Onvoorzien | ||||
Resultaat vóór bestemming | -3.156 | -3.343 | -2.700 | |
Reserves | ||||
0.1 | Bestuur | - | - | - |
0.2 | Burgerzaken | - | - | - |
Totale Toevoegingen | - | - | - | |
0.1 | Bestuur | -158 | -32 | -28 |
0.2 | Burgerzaken | - | -51 | -51 |
Totale Onttrekkingen | -158 | -83 | -79 | |
Saldo (baten - lasten) | 158 | 83 | 79 |
Resultaat na bestemming | -2.998 | -3.260 | -2.620 |
Op programma 4 is een voordeel behaald van € 643.000 ten opzichte van de gewijzigde begroting voor mutaties in de reserves. Belangrijkste verschillen tussen begroting ná wijziging en realisatie begrotingsjaar 2021 vóór bestemming:
0.1 Bestuur
Taakveld 0.1 laat in totaal een positief saldo zien van € 570.000. Dit saldo ontstaat door lagere lasten qua wachtgelduitkeringen (€ 48.000) en een meevaller op de voorziening pensioenen (oud) wethouders (€ 474.000). De rekenrente is in 2021 gestegen van 0,082% naar 0,0528%. Doordat de rente toerekening hoger wordt, is er een lager bedrag benodigd in de voorziening. In dit geval betekent het zelfs een vrijval van € 149.000, terwijl in de begroting rekening is gehouden met een toevoeging van € 325.000.
0.2 Burgerzaken
De realisatie ten aanzien van burgerzaken is ten opzichte van begroting ruim € 85.000 positiever. Dit komt onder andere door een hogere opbrengst dan verwacht van leges reisdocumenten en naturalisatie (€ 87.000 meer opbrengsten dan begroot).